Burgemeester uit Kameroen is onder de indruk

Ostendorp hoopt van Bélékou te leren over vluchtelingen

In 2012 kwamen Marc en Wypke uit Werkhoven via een vriendin in contact met een particulier ontwikkelingshulpinitiatief in Kameroen en in het bijzonder met de gemeente Kentzou. Beiden brachten er een bezoek en maakten kennis met de burgemeester van de regio, Louis Bélékou. Hij liet hen zijn gemeente zien en Marc en Wypke voelden zich erg welkom.

Visum

Aangezien Bélékou graag kennis en inspiratie op zou doen in Europa, zetten Marc en Wypke zich in om hem naar Bunnik te halen. Het gemeentebestuur van Bunnik was hier enthousiast over en er waren ook bedrijven die heb graag wilden rondleiden. Bélékou betaalde de reis zelf, maar kon pas een visum krijgen na een officiële uitnodiging van burgmeester Ostendorp van Bunnik. Het bezoek zou afgelopen voorjaar plaatsvinden, maar door moeilijkheden met het visum, werd dat toen op het laatste moment afgezegd. Maar vorige week was het dan zover. Bélékou werd door Marc en Wypke zelf ontvangen. Wypke: "Ik geloofde het pas toen ik hem echt zag."

Het echtpaar had een vol en divers programma opgezet voor Bélékou. Dinsdagmiddag werd hij ontvangen op het gemeentehuis door zijn collega Hans Martijn Ostendorp. Beide burgmeesters gaven een presentatie over hun gemeente, waarbij de enorme kloof tussen beiden direct ontzettend goed zichtbaar was. Waar Ostendorp vertelde over de hoogopgeleide bevolking en de bloeiende fruitteelt, vertelde Bélékou dat Kameroen een jonge bevolking heeft, maar dat goede educatie een probleem is.

Vluchtelingen

Andersom hoopte Ostendorp ook iets te leren van Bélékou. De bevolking van Kentzou is de laatste decennia verdriedubbeld door de instroom van vluchtelingen. Toch zijn de vluchtelingen in Kentzou opgenomen en hebben ze hun eigen plek verworven. Bélékou: "De vluchtelingenstroom heeft ons wanorde, maar ook goede dingen bracht. Sommigen van hen kwamen met geld en bouwden een huis. Er is een ontwikkeling op gang gekomen." Ook Vluchtelingenwerk-Samenspraak Bunnik maakte later op de dag kennis met Bélékou.

Bélékou had zich erg verheugd op de ontmoeting met zijn Bunnikse collega. "Ik had niet verwacht dat het zo groots aangepakt zou worden. Ik voel me ontzettend welkom. Ik heb van dit bezoek nu al geleerd. Om dit mee te mogen maken is een verrijking. Ik kan hiermee een visie ontwikkelen." Ook op persoonlijk vlak heeft Bélékou hoge verwachtingen. "Ik ben uit Kameroen vertrokken als een klein burgemeestertje. Ik heb nu het idee dat ik iemand aan het worden ben."

Fruit

Donderdag ging Bélékou op bedrijfsbezoek bij fruitteeltbedrijf Vernooij in Werkhoven. Precies op die dag was hier de perenpluk van start gegaan. Bedrijfsleider Frank de Lange gaf een rondleiding. Er werd regelmatig een vergelijking gemaakt met de situatie in Kameroen. De peren van Vernooij worden gekoeld, zodat ze het hele jaar door verkocht kunnen worden. In Kameroen is die houdbaarheid van producten vaak een probleem. Bélékou: "Alle ananassen en avocado's zijn tegelijk rijp en iedereen verkoopt ze in dezelfde periode. Daardoor is de prijs niet hoog. De koeltechnieken zijn bij ons nog niet voorhanden. Granen kunnen we daarentegen wel bewaren."

Verder bracht Bélékou nog bezoeken aan Rabobank Kromme Rijnstreek, de Nederlandse Fruitteelt Organisatie, ambtenaren van de gemeente Bunnik, koelhuis Van den Brink, Landwinkel de Lindeboom, VNG Internationaal en het Netherlands ‐African Business Council. Hij maakte ook kennis met Krachtig Krommerijn, jongerenwerk Schoudermantel, Lions Club Bunnik, De Barrage, Humanitas, Education4kids, De Schans en de Voedselgroep. Afgelopen zaterdag vertrok hij - vol inspiratie - weer naar Kameroen. (AC)