• Ook mensen in onze regio moeten met complexe psychische klachten lang op behandeling wachten.

    Angela Dekker

Suïcidaal? Sorry, wachtlijst!

Ze is jong, mooi, slim. Studeert aan de universiteit. Maar Eva is ziek. Depressief en suïcidaal. Al maanden wacht ze op behandeling. Uiteindelijk belandt ze bij het crisisteam. En wacht nog altijd op behandeling.

Marijke Dekker

Eva (23) is zwaar depressief en suïcidaal. Alles is zwart, ze is somber, negatief. Het leven doet pijn. Ze verwondt zichzelf soms om de mentale pijn even niet te voelen. Ze kan zich niet meer herinneren hoe het voelt om gelukkig te zijn, kan nauwelijks prikkels verdragen, heeft weinig energie, slaapt veel en zit op haar kamer, zwarte gordijnen potdicht. Haar studie moet ze onderbreken: concentreren lukt niet meer. Vrienden laten haar vallen. Haar wereldje wordt kleiner. Ze gaat 'kapot' binnenin en weet al precies hoe ze uit het leven wil stappen. Een keer staat ze al met een overdosis in haar trillende hand.

Via de huisarts komt ze voor een intake bij een psycholoog terecht, maar die oordeelt dat de achterliggende problematiek, waaronder trauma door verkrachting en bedreiging, angststoornis, ontwikkelingsstoornis en paniekaanvallen, zo complex is, dat gespecialiseerde zorg nodig is. Ze krijgt een spoedindicatie. Het wachten begint opnieuw. Bij een instelling die passende zorg kan bieden, is de wachttijd ruim een jaar.

Haar situatie verslechtert, wordt zorgwekkend. De kans op zelfmoord groot. Uiteindelijk belandt Eva bij een crisisteam. Er komt overbruggingshulp, puur gericht op het 'veilig houden'.

Vijf maanden na haar eerste bezoek aan de huisarts vindt er een intake plaats bij een GGZ-instelling. Over een maand hoort ze of zij haar passende hulp kunnen bieden. En wanneer de behandeling start. Anders moet ze bij een andere instelling weer opnieuw op een wachtlijst gaan staan.

Het verhaal van Eva, die in de Kromme Rijnstreek woont, is geen uitzondering. Exacte cijfers ontbreken, maar ook in Houten, Bunnik en Wijk bij Duurstede wachten kinderen en volwassenen soms lang op een GGZ-behandeling. Te lang. Landelijk zou de helft van de GGZ-instellingen een wachtlijst van meer dan zes maanden rapporteren. Tot intake. Daarna is het opnieuw wachten. Tot beoordeling en tot start van de behandeling. De wettelijk vastgestelde maximale wachttijd van 4 weken tot intake en in totaal 14 weken tussen aanmelding en start ambulante behandeling, de 'treeknorm', wordt vaak overschreden.

De lange wachttijd betekent vaak een lijdensweg: verminderde levenskwaliteit, soms lichamelijke schade en zelfs zelfmoord(pogingen). Dat geldt ook voor Eva, vertelt ze: "Nog los van de bijna continue somberheid en de studievertraging voor mijn master, krijg ik door het wachten het gevoel dat ik inderdaad waardeloos ben: ik doe er blijkbaar niet toe."

SAMENWERKEN De problemen doen zich vooral voor in de specialistische GGZ, zegt huisarts en bestuurslid van Zorg in Houten Marcel Ebbing. "Het verschilt per hulpvraag, maar in de generalistische GGZ valt het hier over het algemeen wel mee. Dat komt ook door ons samenwerkingsverband: korte lijnen, elkaar snel weten te vinden. Patiënten kunnen terecht bij de POH GGZ, en we kunnen redelijk snel doorverwijzen naar een GZ-psycholoog. Uitzonderingen zijn echter niet te voorkomen."

COMPLEX Mensen met ernstige en complexe problematiek worden doorverwezen naar de specialistische GGZ, waar ze vaak maandenlang op een wachtlijst staan. "Een drama", oordeelt Ebbing. "Mensen moeten niet alleen lang wachten, ze worden ook van het kastje naar het muurtje gestuurd. Het zijn eilandjes. Mensen worden verbrijzeld tussen organisaties, voelen zich door de maatschappij in de steek gelaten. Dit kan zo niet. Uiteindelijk krijgt de huisarts het op zijn bordje. Natuurlijk blijven die patiënten bij ons in beeld tot de behandeling start. We kunnen helaas niet veel aan de wachtlijsten doen. In ernstige situaties bellen we stad en land af."

CRISIS Ebbing kent zelf geen situaties waarbij het lange wachten heeft geleid tot een verdere verslechtering of suïcide. In een crisissituatie wordt de patiënt direct doorverwezen naar de crisisdienst. Zodra de crisis is opgelost, blijft de patiënt op de wachtlijst wachten op intake en behandeling.

TOT-'T-WEER-GAAT-HUIS "Elke dag op een wachtlijst is er één te veel", vindt ook Martijn Nieuwenhuisen, GZ-psycholoog en bestuurslid Zorg in Houten. Mensen in crisis zou hij graag tijdelijk lokaal onderbrengen: "Een soort 'tot-'t-weer-gaat-huis'. Dat kost geld, maar we zouden als gemeenschap daarvoor moeten zorgdragen." 

Eva's naam is op haar verzoek een gefingeerde.