Ecologica

Bunnik is een duurzame gemeente. In de Nationale Monitor Duurzame Gemeenten 2016 staat Bunnik zelfs op plek zeven van 390 gemeenten. De monitor onderzoekt duurzaamheid op basis van sociaal-culturele, economische en ecologische waarden. Bunnik duldt sjieke gemeenten zoals Bloemendaal, Laren en Blaricum voor zich, maar dan houdt het wel op. De gemeentelijke website onderschrijft de uitkomst: "Duurzaamheid is een belangrijk thema voor Bunnik dus dit is voor u vast geen verrassing".

In de monitor scoort Bunnik hoog op het sociaal-culturele en op het economische kapitaal met topnoteringen van respectievelijk een zevende en tiende plek. Veel minder scoren we op de ecologische ladder; slechts 250e. Ecologisch laat Bunnik de laatste jaren zelfs een dalende trend zien.

Wat? Hoe kan dat nou? Zeven van de honderd huizen in Bunnik zitten vol met zonnepanelen. Recent nog proostten de leden van MyWheels Bunnik op het 10-jarig jubileum van het autodelen. En hebben we niet een mooie poel aangelegd voor de groei van de holpijp, waterviolier, rietorchis en de blauwe zegge?

Waarom zijn we dan niet ecologisch? Heeft u het afval soms niet goed gescheiden? Moeten we 60 gaan rijden op de Koningslaan? Hebben ze de prachtige nieuwe afvalbakken in ons centrum niet gezien? Of moeten we kappen met de Bomenverordening 2016, die 'minder restrictief' is bij het verlenen van snoei- en kapvergunningen?

Of ligt het aan onze sportclubs? Op Sportpark Tolhuislaan maakt steeds meer groen plaats voor plastic. Korfbal, voetbal en hockey verruilden gras en gravel voor kunststof. Heel bespeelbaar allemaal, maar er wordt wel sterk getwijfeld aan de ecologische waarde van de rubber korrels op het voetbalveld.

Intussen liggen er gemeentelijke plannen voor een financiële injectie om de Bunnikse sportaccommodaties verder te verduurzamen. Een slimme afkoop, opdat de clubs vanaf juli 2017 zelf hun energierekening oppakken. Het is een voorbeeld van Bunnikse ecologica met een duurzaam karakter en "voor u vast geen verrassing".

Wouter de Kleyn